forevr
De as

Wat te doen met de as: de keuzes, de termijnen en de wet

Julien Wiegandt

Julien Wiegandt

Fondateur de forevr

Célia RuedasRelu par Célia Ruedas

2 min leestijd

Meer dan zes op de tien mensen in Nederland worden gecremeerd. Dat betekent dat de meeste families niet voor de vraag ‘welk graf’ staan, maar voor een vraag die veel opener is: wat doen we met de as?

Die vraag komt op het slechtst denkbare moment, en precies daarom staat er een wachttijd van een maand in de wet. Gebruik die.

De wachttijd van een maand

Na de crematie blijft de as een maand in bewaring. In die periode kan er niets worden verstrooid en niets worden meegegeven. Het is geen administratieve hindernis: de termijn bestaat zodat een beslissing die niet terug te draaien is, niet in de eerste weken wordt genomen.

Daarna bewaart het crematorium de urn vaak nog een tijd, meestal kosteloos. Vraag hoelang, en vraag wat er daarna gebeurt — dat verschilt per crematorium.

De keuzes

Verstrooien op het strooiveld. Bij vrijwel elk crematorium en elke begraafplaats. Goedkoop, verzorgd, en er is een plek om naartoe te gaan, ook al is die niet van u alleen.

Verstrooien op eigen terrein of op zee. Op eigen grond mag het met toestemming van de eigenaar. Op zee mag het; er zijn rederijen die dat verzorgen. Verstrooien op openbaar terrein is per gemeente geregeld: sommige staan het toe op aangewezen plekken, andere niet.

Bijzetten in een urnenmuur of urnengraf. Een plek met een naam erop, en een termijn: net als bij een graf huurt u voor een aantal jaren, met verlenging.

Meenemen naar huis. Mag, na de wachttijd, met een verklaring van het crematorium. Er is geen bewaarplicht en geen toezicht.

Een deel apart. Een assieraad, een mini-urn voor elk kind. Dit gebeurt vaker dan mensen denken, en het hoeft niet in plaats van iets anders — een deel verstrooien en een deel houden kan gewoon.

De beslissing die u wél moet vastleggen

De as thuis is een oplossing voor nu. Voor de generatie erna is het een vraag.

Wie de urn in huis heeft, weet wat het is. De kinderen van die persoon weten dat ook nog. De kleinkinderen vinden over veertig jaar een bus op een plank en durven hem niet weg te doen. Dat is geen theorie; dat gebeurt.

U hoeft niet te kiezen waar de as eindigt. U moet alleen ergens opschrijven wie het is, en of de familie er later vrij over mag beslissen. Eén zin is genoeg. Niets zeggen is de enige variant die echt zwaar valt.

Waar u het opschrijft

Bij de urn zelf helpt niet: een briefje op een plank raakt kwijt.

Leg het vast op de plek waar de rest van het verhaal al staat — de gedenkpagina, het familiedossier, de map die iemand toch al aanlegt. De as heeft een bestemming nodig; de herinnering heeft een adres nodig. Dat zijn twee verschillende dingen, en alleen het tweede kunt u nu al regelen.